Vergeetrecht zoekmachines

Gebruikers van Google kunnen  sinds 2014 een verzoek indienen om bepaalde zoekresultaten te laten ‘vergeten’. Dit is het gevolg van de uitspraak van het Europese Hof over het vergeetrecht, ook wel bekend als het Costeja-arrest. De van oorsprong Amerikaanse zoekmachine kreeg van het Europese Hof opgelegd dat het gegevens die irrelevant, niet langer relevant, onjuist of bovenmatig zijn, niet mag blijven verwerken.

Wij  deden voor klanten al vele malen met succes een beroep op dit recht om vergeten te worden. Indien Google het verzoek tot verwijdering van zoekresultaten afwijst, zijn wij ook de aangewezen partij om verder stappen te ondernemen. In Nederland voerden wij het merendeel van dergelijke procedures om het vergeetrecht te bekrachtigen.

 

Autoriteit persoonsgegevens

 

Wanneer uw beroep op het vergeetrecht wordt afgewezen door de verwerkingsverantwoordelijke staat een gang naar de Autoriteit Persoonsgegevens open. Let u er wel op dat u dit beroep binnen 6 weken na afwijzing door bijvoorbeeld Google dient in te dienen. De Autoriteit Persoonsgegevens zal op basis van de richtlijnen uw beroep behandelen en indien zij u in het gelijk stelt, zal zij de verwerkingsverantwoordelijke verzoeken om uw zaak te heroverwegen. De Autoriteit Persoonsgegevens toetst slechts marginaal, zij beperkt zich over het algemeen tot een toets of de betreffende informatie al dan niet onjuist is. De uiteindelijke beslissing over het al dan niet ‘vergeten’ van de zoekresultaten blijft echter bij de verwerkingsverantwoordelijke zelf (dus Google, Bing, etc.) liggen.

 

Rechtbank

Als uw verzoek door de verwerkingsverantwoordelijke is afgewezen, en bemiddeling niet geholpen heeft of de wens bestaat om deze stap over te slaan, dan kan de gang naar de rechter worden gemaakt, door een verzoekschriftprocedure te starten op grond van artikel 17 AVG. Deze procedure is relatief laagdrempelig, vormloos en kent een beperkt griffierecht (€287)